Vrijmetselarij - Montaigne en La Boétie: filosofie van vriendschap en poëzie
Michel de Montaigne – De Essays

Montaigne en La Boétie: filosofie van vriendschap en poëzie

Kan een verzameling liefdesgedichten ons iets leren over de diepste vormen van menselijke verbondenheid? In het zevenentwintigste essay van zijn eerste boek presenteert Michel de Montaigne negenentwintig sonnetten van zijn overleden vriend Estienne de La Boétie. Dit ogenschijnlijk simpele gebaar, het publiceren van andermans poëzie, opent een filosofisch venster op vragen die al sinds de oudheid denkers bezighouden: wat is de aard van ware vriendschap, en hoe verhoudt de ziel zich tot schoonheid en verlangen? Een paradox als uitgangspunt Hier stuiten we op een merkwaardige paradox. Montaigne, de man die zichzelf tot onderwerp van al zijn essays maakte, wijdt een volledig hoofdstuk aan het werk van een ander. Hij treedt terug, wordt uitdrukkelijk zwijgzaam over zichzelf, en laat de sonnetten van La Boétie spreken. Maar dit terugtreden is tegelijkertijd de meest intieme onthulling die Montaigne ons kan geven. Door te tonen wat hij liefhad in het werk van zijn vriend, toont hij wie hijzelf is geworden door die vriendschap. De filosofische traditie die Montaigne hier volgt, is die van het Renaissance-humanisme met zijn diepe wortels in de klassieke oudheid. Cicero’s werk over vriendschap, Aristoteles’ behandeling van philia in de Ethica Nicomachea, en Plutarchus’ morele essays vormden het intellectuele fundament waarop […]