Een spiegel toont niet alleen ons gezicht. Wie lang genoeg kijkt, ziet ook wat daarachter schuilt: verwachtingen, vooroordelen, onbewuste zekerheden. In zijn beroemde essay over de inwoners van de Nieuwe Wereld houdt Michel de Montaigne ons zo’n spiegel voor. Hij beschrijft mensen die door zijn tijdgenoten als primitieve wilden werden weggezet, en vraagt ons vervolgens: wie is hier eigenlijk de barbaar? Dit essay raakt aan de kern van wat vrijmetselaars zoeken in hun werk. Niet het oordelen over de ander, maar het durven spiegelen aan die ander om zo tot diepere zelfreflectie te komen.
De spiegel als werktuig voor zelfinzicht
Wanneer Montaigne schrijft over de volkeren van Brazilië, doet hij iets onverwachts. In plaats van hen af te schilderen als minderwaardig, beschrijft hij hun gebruiken met nieuwsgierigheid en respect. Hij merkt op dat hun samenleving functioneert zonder wetten, zonder eigendom, zonder bedrog. Hun zogenaamde kannibalisme, hoe gruwelijk ook voor Europese ogen, plaatst hij in perspectief door te wijzen op de wreedheden die zijn eigen landgenoten begaan tijdens godsdienstoorlogen.
Hier openbaart zich de symbolische kracht van de spiegel. Montaigne gebruikt de beschrijving van de ander om het eigene zichtbaar te maken. Hij zegt eigenlijk: kijk niet naar hen om je superieur te voelen, maar om jezelf beter te begrijpen. Dit spiegelend denken is ook het fundament van vrijmetselaarsarbeid. In de loge wordt de broeder uitgenodigd zichzelf te beschouwen, niet vanuit ijdelheid, maar vanuit het verlangen naar waarachtige zelfkennis.
Vooroordeel als ruwe steen
De ruwe steen is in de vrijmetselarij het symbool van de mens in onbewerkte staat. Vol oneffenheden, hoeken en randen die nog geslepen moeten worden. Montaignes essay laat zien hoe diep onze vooroordelen verankerd zijn. We noemen iets barbaars omdat het vreemd is, niet omdat het daadwerkelijk slechter is dan wat wij doen. De Braziliaanse volkeren aten het vlees van hun vijanden na de strijd als ritueel eerbetoon. Europeanen verbrandden levende mensen op de brandstapel omwille van theologische meningsverschillen.
Het bewerken van de ruwe steen betekent het slijpen van deze vooroordelen. Niet door ze te ontkennen, maar door ze onder ogen te zien. Montaigne schreef: wij mogen gerust iets monsterlijk noemen, maar laten wij dan ook erkennen welke monsters wij zelf voortbrengen. Dit vraagt moed. Het vraagt de bereidheid om het ongemakkelijke te doorstaan dat ontstaat wanneer onze zekerheden wankelen.
Broederschap over grenzen heen
Het begrip broederschap krijgt door Montaignes essay een diepere dimensie. Broederschap is niet beperkt tot hen die op ons lijken, dezelfde taal spreken of dezelfde gewoonten delen. Ware verbinding ontstaat juist wanneer wij in staat zijn de menselijkheid te herkennen in wie anders is. Montaigne beschrijft hoe de Braziliaanse volkeren een sterk ontwikkeld gevoel voor eer, loyaliteit en gemeenschap hadden. Waarden die ook binnen de vrijmetselarij centraal staan.
Wie de ander werkelijk wil begrijpen, moet eerst bereid zijn de spiegel naar zichzelf te keren.
Deze houding van openheid en nieuwsgierigheid is wat de vrijmetselarij nastreeft. In de loge komen mensen van verschillende achtergronden samen, niet om elkaars overtuigingen te bekritiseren, maar om in gezamenlijkheid te werken aan innerlijke groei. Het essay van Montaigne herinnert ons eraan dat verbinding begint met het opschorten van ons oordeel.
Het licht van kennis verdrijft de schaduwen
In de vrijmetselarij wordt licht vaak gebruikt als symbool voor kennis en inzicht. Duisternis staat voor onwetendheid, voor het ongeziene. Montaignes methode werkt precies zo: hij schijnt licht op wat verborgen bleef achter vooroordelen. Door nauwkeurig te beschrijven wat hij hoorde en las over de Nieuwe Wereld, dwong hij zijn lezers om voorbij de oppervlakte te kijken.
Dit zoeken naar licht is geen eenmalige handeling. Het is een voortdurend proces van vragen stellen, van niet tevreden zijn met het eerste antwoord. Montaigne was meester in het openhouden van vragen. Zijn essays eindigen zelden met stellige conclusies. Ze nodigen uit tot verder denken, tot het blijven schuren aan de ruwe steen van ons begrip.
Het ritueel van de ontmoeting
Montaigne beschrijft hoe hij ooit drie Braziliaanse mannen ontmoette die naar Frankrijk waren gebracht. Hij vroeg hen wat zij het meest verbazingwekkend vonden aan de Franse samenleving. Hun antwoorden waren onthullend: zij begrepen niet waarom volwassen, gewapende mannen gehoorzaamden aan een kind als koning. En zij begrepen niet waarom sommige mensen in grote rijkdom leefden terwijl anderen aan hun poort bedelden.
In deze ontmoeting voltrok zich een ritueel van wederzijdse spiegeling. Montaigne keek naar hen, zij keken naar zijn wereld, en beide partijen zagen iets dat eerder onzichtbaar was. Dit is de kracht van werkelijke verbinding: zij toont ons de blinde vlekken in ons eigen zicht. Vrijmetselaars kennen dit principe uit hun rituelen, waarin de ontmoeting met het onbekende altijd ook een ontmoeting met het zelf is.
De deugd van bescheidenheid
Misschien is de belangrijkste les van Montaignes essay wel die van bescheidenheid. Niet de valse bescheidenheid die zegt niets te weten terwijl ze van alles beweert, maar de oprechte erkenning dat ons perspectief beperkt is. Dat onze gewoonten niet de maat van alle dingen zijn. Dat wat wij beschaving noemen, soms niets meer is dan gewoonte die wij niet meer bevragen.
Voor vrijmetselaars is deze bescheidenheid geen zwakte maar een voorwaarde voor groei. Alleen wie erkent nog niet voltooid te zijn, kan aan zichzelf blijven werken. Montaigne toonde dat deze arbeid begint bij de bereidheid om naar de ander te kijken zonder meteen te oordelen, en om in die ander een spiegel te zien voor het eigene dat nog geslepen moet worden.
Het essay over de inwoners van de Nieuwe Wereld is meer dan een historisch curiosum. Het is een uitnodiging tot zelfreflectie die ook na eeuwen nog actueel is. Montaigne leerde ons dat verbinding niet ontstaat door de ander te begrijpen vanuit ons eigen kader, maar door bereid te zijn dat kader zelf ter discussie te stellen. Dit is de arbeid die vrijmetselaars zoeken: het voortdurend slijpen van de ruwe steen, het toelaten van nieuw licht, het uitreiken naar de ander als spiegel voor het zelf. In die beweging van spiegeling en reflectie ligt de ware broederschap besloten.
Copyright tekst & afbeelding: devrijmetselaar.nl
Teksten zijn naar idee en inhoud van de auteur van devrijmetselaar.nl en op fouten gecontroleerd, gecorrigeerd en aangevuld met behulp van OpenAi. Afbeeldingen zijn naar idee van de auteur van devrijmetselaar.nl gemaakt met gebruikmaking van OpenAi/Dall-E
Veelgestelde vragen
Wat is de betekenis van de spiegel als symbool in dit artikel over vrijmetselarij?
De spiegel symboliseert zelfinzicht en reflectie. Net zoals Montaigne de beschrijving van Braziliaanse volkeren gebruikt om Europese samenlevingen te spiegelen, gebruiken vrijmetselaars de spiegel als werktuig om zichzelf beter te begrijpen en vooroordelen onder ogen te zien. Het gaat niet om het oordelen over anderen, maar om door die ander jezelf beter te leren kennen.
Hoe verbindt het artikel Montaignes essay over kannibalen met vrijmetselaarsarbeid?
Beide gaan uit van het principe dat door de ander te onderzoeken we onszelf beter begrijpen. Montaigne stelt de wreedheden van Europeanen gelijk aan die van de 'wilden' om vooroordelen bloot te leggen. Vrijmetselaars gebruiken hetzelfde principe van zelfreflectie in de loge, waar broeders worden uitgenodigd zichzelf te beschouwen zonder ijdelheid.
Wat symboliseert de 'ruwe steen' in de vrijmetselarij volgens dit artikel?
De ruwe steen staat voor de mens in onbewerkte staat, vol vooroordelen en oneffenheden. Het bewerken van deze steen betekent het slijpen van vooroordelen door ze onder ogen te zien en te erkennen welke 'monsters' onze eigen samenleving voortbrengt. Dit is een proces van persoonlijke groei en bewustwording.
Geef als eerste een reactie