Montaigne over ongelijkheid en de verbinding met vrijmetselarij
Het is laat in de avond. Een man zit in een halfverlichte ruimte, omringd door broeders die hij al jaren kent. Sommigen dragen een pak, anderen een eenvoudig overhemd. Een bankier zit naast een timmerman, een lerares naast een chirurg. Niemand hier meet zichzelf af aan rang of titel. In die stilte, vlak voor het ritueel begint, voelt hij iets dat Michel de Montaigne meer dan vier eeuwen geleden al probeerde te vangen in woorden: dat de werkelijke waarde van een mens nooit aan de buitenkant zichtbaar is. Wat Montaigne ons voorhoudt over menselijke ongelijkheid In zijn tweeënveertigste essay uit het eerste boek van de Essays onderzoekt Michel de Montaigne de ongelijkheid die er tussen mensen heerst. Zijn betoog is op het eerste gezicht eenvoudig, maar snijdt diep. Montaigne stelt dat wij mensen voortdurend verward raken door uiterlijkheden. Wij kennen macht, rijkdom en aanzien toe aan personen, en vergeten daarbij dat deze zaken los staan van de innerlijke kwaliteit van een mens. Een koning in prachtige gewaden is, wanneer die gewaden worden afgelegd, niet per definitie meer dan de bedelaar op straat. Montaigne verwijst hierbij naar Seneca, die in zijn brieven al betoogde dat deugd het enige bezit is dat […]