Voltaire over tolerantie als deugd: wijsheid voor vrijmetselaren
Tolerantie wordt vandaag de dag vaak gezien als een passieve houding: anderen hun gang laten gaan zolang ze jou niet storen. Voltaire zag dat fundamenteel anders. Voor hem was verdraagzaamheid een actieve deugd die moed, zelfreflectie en wijsheid vereist. Wanneer we zijn gedachten naast de vrijmetselaarstraditie leggen, ontstaat een verrassend rijk gesprek over wat het werkelijk betekent om tolerant te zijn. De buitenstaander ziet tolerantie als zwakte Laten we eerlijk zijn: voor veel mensen in de achttiende eeuw was tolerantie een teken van onverschilligheid of zelfs lafheid. Wie zijn eigen overtuigingen serieus nam, zo luidde de redenering, kon onmogelijk verdragen dat anderen daar radicaal anders over dachten. Voltaire kende deze kritiek maar al te goed. In zijn tijd werden religieuze minderheden vervolgd, andersdenkenden verbannen en boeken verbrand. De maatschappelijke norm was niet verdraagzaamheid maar conformiteit. Vanuit dit perspectief is tolerantie verdacht. Het zou betekenen dat je nergens echt in gelooft, dat je principeloos bent. De intolerante houding werd vaak verpakt als deugdzaamheid: men beschermde immers de waarheid tegen dwaling. Wie tolerant was, zo werd beweerd, koos geen partij en had dus eigenlijk niets te bieden. Voltaires omkering: tolerantie vereist kracht Voltaire draaide deze logica volledig om. In zijn werk over […]