Montaigne en de broederschap: gelijkheid als verbindende kracht
In het jaar 1580 publiceerde Michel de Montaigne zijn beroemde Essays, een verzameling introspectieve beschouwingen die de westerse filosofie blijvend zou beïnvloeden. Zijn zevenendertigste essay, ‘Over de gelijkheid onder ons’, bevat een opmerkelijke observatie: ondanks alle uiterlijke verschillen tussen mensen bestaat er een fundamentele gelijkwaardigheid die ons verbindt. Deze gedachte, meer dan vier eeuwen geleden opgeschreven in een torentje in de Dordogne, blijkt verrassend actueel wanneer we haar leggen naast de principes die ruim een eeuw later de vrijmetselarij zouden vormgeven. Het zestiende-eeuwse inzicht van Montaigne Michel de Montaigne schreef zijn essay in een tijd van diepe maatschappelijke ongelijkheid. De Franse standenmaatschappij kende strikte hiërarchieën: adel, geestelijkheid en het gewone volk. Toch durfde deze edelman te stellen dat zelfs de machtigste vorst en de eenvoudigste boer dezelfde fundamentele menselijke conditie deelden. Beide ervaren honger, vermoeidheid, angst en vreugde. Beide zullen sterven. Dit inzicht was in zijn tijd revolutionair, hoewel Montaigne het niet als politiek manifest presenteerde, maar als persoonlijke observatie. Montaigne putte hierbij uit klassieke bronnen. De stoïcijnen, met name Seneca en Marcus Aurelius, hadden al geschreven over de universele menselijke natuur. Aristoteles onderzocht de vraag wat mensen werkelijk gelijk maakt. Maar waar de Grieken en Romeinen deze gedachten vooral […]