Het Johannesevangelie en het licht in de duisternis
De kaars flakkert zachtjes in de schemering van de logeruimte. Een vrijmetselaar bladert door een versleten bijbel, open bij het vierde evangelie. Zijn vinger rust bij de eerste woorden: “In den beginne was het Woord.” Een glimlach speelt om zijn lippen, want hij herkent iets. Dezelfde zoektocht naar licht, dezelfde vraag naar waarheid die hem ooit naar de vrijmetselarij bracht. Wat maakt dit oude geschrift zo bijzonder dat het dwars door eeuwen heen nog steeds tot de verbeelding spreekt? De opening die alles zegt Het evangelie naar Johannes onderscheidt zich direct van de andere drie evangeliën door zijn mystieke openingszinnen. Waar andere evangelisten beginnen met geslachtsregisters of geboorteverhalen, opent Johannes met een kosmisch visioen. Het Woord, in het Grieks “Logos”, was er al voor alles begon. Dit Woord bracht licht in de duisternis, en de duisternis heeft het niet kunnen grijpen. Voor wie vertrouwd is met inwijdingsrituelen klinkt dit als een bekende echo: de reis van onwetendheid naar kennis, van blindheid naar zien. Deze proloog is geen toevallige stijlfiguur. Johannes plaatst zijn hele verhaal in een kosmisch kader waarin licht en duisternis niet zomaar fysieke verschijnselen zijn, maar symbolen voor de staat van de menselijke ziel. De vraag die hij […]